Jan David Hanrath
Jan David Hanrath Nieuws 25 januari 2014

Mijn eerste Mac: de iMac bij de Primafoon

Omdat de Mac deze week 30 jaar bestaat vertellen Koen, Lucas en ik onze verhalen hoe wij met de Mac in aanraking zijn gekomen. Gisteren was het de beurt aan Koen. vandaag mag ik een boekje opendoen over een tijd waarin de aankoopervaring van computers door bedrijven nog niet zo belangrijk werd gevonden.

Lucas en Koen mogen dan beweren dat ik op Apple-gebied een rookie ben omdat ik ‘pas’ met de allereerste iMac in 1998 de overstap naar Apple heb gemaakt, maar ik heb tenminste een bewuste keuze gemaakt. Dat kun je van de heren die het met de paplepel ingegoten hebben gekregen niet zeggen. Hieronder mijn verhaal.

Ik heb twee pc’s gehad voordat ik de switch naar Apple maakte. De eerste was een 486 DX2 66 en de tweede een Pentium 133. Allebei clones, verpakt in een beige plastic computerkast en aangeschaft bij de Haagse winkel DES computers.

Een vergelijkbare computerwinkel

Het kopen van een computer bij DES was een belevenis, maar geen prettige. Je liep een winkel in waar het vol hing met gele briefjes. Daarop waren met rode stift dingen geschreven als ‘Soundblaster 16’, ‘Soundblaster 32 AWE’, ‘ATI 3D Xpression’ en ‘Matrox Millennium’. Onder de briefjes lagen stapels bont gekleurde dozen met computeronderdelen, maar ik had geen idee wat het allemaal was en of ik het nodig had.

Een verkoper in een slecht zittend pak sprak je aan en overspoelde je met nog meer technische termen. Het is alsof je je eten in een restaurant per ingrediënt bestelt in plaats van te kiezen voor een creatie die door een deskundige kok is samengesteld. Wanneer je de ingrediënten samenvoegt weet je niet of het zal smaken. Bij een computer konden de gevolgen alleen ernstiger zijn: je wist niet óf het überhaupt ging werken. Voor je het weet conflicteert je videokaart met je controller omdat er een dipswitch verkeerd staat en word je opgezadeld met een vastloper of een blue screen of death.

Time to switch
Mijn echte interesse in Apple begon bij Gijs die naast een studiegenoot ook de broer van mede-OMT-er Lucas is. Hem was het Apple-virus ook met de paplepel ingegeven en hij maakte al sinds het begin van z’n studie bouwkunde mooie tekeningen op z’n eveneens beige Mac. Nadat ik een paar jaar had aangemodderd met zielloze tekeningen met een DOS-versie van AutoCAD wilde ik dat ook wel eens proberen. Op de lagere school had al wat vlieguren gemaakt door een werkstuk te typen op de Mac Plus van onze achterburen, dus geheel nieuw was het niet voor me.

Ik zal onmiddellijk toegeven dat de aankoopervaring van pc’s inmiddels veel beter zal zijn dan toen, maar toen ik van Gijs hoorde dat Apple een iMac had aangekondigd en dat die in Nederland verkocht zou gaan worden bij Primafoon, was ik meteen overtuigd: mijn volgende computer werd een Mac.

Een iMac kocht je bij Primafoon

Primafoon
Niet lang daarna was het zover. Ik ging naar de Primafoon, melde mij aan de balie en werd geholpen door een oudere vrouw. “Eén iMac alstublieft”, vroeg ik. “Wat zegt u?”, de vrouw keek me onbegrijpend aan. “Een iMac, de nieuwe computer van Apple. Als het goed is verkoopt u die”. Ze ging te rade bij een collega die haar wist te vertellen dat hij inderdaad een stapel Apple-dozen had zien staan in het magazijn. Niet veel later stond er een witte doos met oranje zijkanten en een afbeelding van een doorzichtige helm-achtige computer op de balie. Ik rekende 3.284,- gulden af en vertrok met de zware doos.

iMac
Met kundiger personeel had ook deze aankoopervaring beter gekund, maar de iMac maakte dat eigenlijk onnodig. Er viel namelijk niets te kiezen, want dat had Apple al voor je gedaan. Net als een kundige kok met gevoel voor smaak én esthetiek. En met die keuzes was Apple vrij radicaal geweest. Zo hadden ze een floppy drive achterwege gelaten en er voor het aansluiten van randapparatuur iets ingestopt met de onbekende naam Universal Serial Bus. Dat zou nog wat worden met het overzetten van al mijn bestanden die ik op 3,5″ diskettes had staan.

Advertentie voor de eerste iMac

Het enige USB-randapparaat dat je toen voor de Mac in Nederland kon kopen was een printer. USB floppy drives bestonden nog niet en omdat er op internet nog geen cloud bestond, moest ik, om de inhoud van mijn floppies over te zetten naar m’n iMac, uitwijken naar on-Apple-achtige maatregelen. Ik kocht een crosskabel, een aangepaste netwerkkabel waarmee je twee computers rechtstreeks aan elkaar kunt verbinden en installeerde Dave op de iMac. Met Dave werd het mogelijk om Windows-schijven te lezen via het netwerk en door de floppy drive op de Windows computer van m’n huisgenoot de delen had ik het voor elkaar. Ik nam definitief afscheid van beige.

Ik heb nooit spijt gehad van de switch. Nooit meer een besturingssysteem opnieuw hoeven installeren omdat het traag werd, nooit meer hardware gekocht die niet werkte en al heel lang geen website meer gezien die niet compatible is met de Mac. Inmiddels ben ik 9 Macs verder en vraag ik me nog wel eens af waarom je zelf zou koken wanneer je een sterrenmaaltijd kant en klaar uit de doos kunt halen…

Reageer op artikel:
Mijn eerste Mac: de iMac bij de Primafoon
Sluiten